Mijn, neeh ik moet zeggen onze kinderen, verweten ons dat wij echt oud aan het worden waren. Geen idee meer wat het voorval was, maar ik was er niet van overtuigt dat dit het geval zou zijn. Want zeg nou zelf, 52 en 48 is niet oud toch? Al zeg ik er direct bij dat het heel betrekkelijk kan zijn, want er zijn mensen die niet zo oud worden. Vandaag in kerk nog weer mogen horen...
Maar juist dat jullie zijn oud trof me. Want toen besefte ik mij dat ik dat ook zei tegen de leraren waar ik les van had. Maar nu ik zelf ouder ben, en zij nog steeds lesgeven, besef ik mij dat zij eigenlijk helemaal niet zo oud waren. Dat ze ook nog in de bloei van hun leven stonden, overigens waren er ook wel een paar oudere bij maar dat snapt de lezer ook wel.
Maar naar mij de tijd vorderde na de uitspraak, ben ik bij mijzelf eens nagegaan ben ik oud? Of ben ik nog jong? Kan ik nog datgene doen wat ik graag wil? Doe ik nog datgene wat ik mijzelf had voorgenomen dat ik zou doen op deze leeftijd?
En eerlijk is eerlijk, niet alles wat ik dacht nog goed te kunnen kan ik nog. Niet alles wat ik mijzelf had voorgenomen nog te kunnen doen kan ik, maar... Ik heb er wel andere dingen voor terug gekregen
En nog eerlijker? Ik denk dat ik datgene wat ik er voor heb terug gekregen nu niet meer wil missen. Deze levenslessen zijn me heel wat waard. Misschien zou ik ze meer in willen zetten, maar voor nu gebruik ik ze liever.
Dat we ouder worden klopt dus wel. Maar oud? Neeh ik vind ons niet oud. Wel levenswijzer. Zijn mijn ouders en schoonouders oud? Weet ik niet. Als ik ze afzet tegen onze leeftijd, dan valt het nog wel mee. Zet ik het af tegen de leeftijd van de kinderen? Ja dan zijn zij zeker oud. Ik schreef op het kaartje bij de jaarlijkse blos bloemen: Bedankt, en hopelijk mogen we nog vele herinneringen maken. En dat meen ik oprecht. ze zijn niet oud. Ze zijn onze gidsen bij vraagstukken. Onze lichtbakens als we er niet meer uitkomen. Wij proberen dit dan weer te zijn voor onze kinderen, en zo is dan de cirkel rond.
Oud? Wat is oud? Toen ik jaren geleden begon bij de rijksoverheid werden de mensen die ik kende als ik met mijn vader mijn collega's. Werden de mensen die ik oud vond opeens collega's en mensen die helemaal niet zo oud bleken. Daar verviel dus door het werk de leeftijdskloof. Toen ik in de kerkenraad kwam te zitten als diaken, en ik bezoeken mocht afleggen, bleken de mensen waar ik kwam ook opeens op te kijken naar mij. En was ik opeens "ouder" En dus verviel ook daar de leeftijdsgrens. Waar deze altijd gebleven is, is bij onze wijkouderling. Hij kwam bijna eens per maand op de woensdagavond. Kwam voor een praatje naar bezoek aan het verzorgingstehuis. Deze man was in mijn ogen oud, maar ook zeer wijs. Terwijl hij vaak genoeg gezegd heeft, ik wou dat ik dat kon tegen mij of mijn vrouw. Bij zijn levenseinde mocht ik nog even naast hem zitten. Samen luisteren naar de vogels in hun tuin.
Toen was er even, heel even, geen leeftijdsverschil meer, en het was ook toen dat ik pas besefte dat ik een vriend zou verliezen.
Weet je? Ik houd ervan als mijn kinderen tegen mij zeggen: Papa je word oud, besef ik mij nu. Want dan doe ik het goed. Dan komen ze bij mij ons om advies, dan komen ze bij ons om troost. Ik ben er heel dankbaar voor dat ze dit doen, en ben nog dankbaarder dat ik dit nog steeds kan en mag doen bij mijn eigen ouders. En ik ben mij er van bewust dat niet iedereen dit kan, maar hoop wel dat je dan ook ouderen hebt gevonden bij wie je dit kunt doen.
Ik vind dit besef een heerlijk begin van het nieuwe jaar, en hoop dat ik dit verder uit mag bouwen. En hoop dat ik nog vaak even mag vragen: Hoe deden jullie dat? En mag horen, misschien kun je dit of dit nog even proberen. Zodat het antwoord mag zijn: Jullie zijn echt oud!

Reacties
Een reactie posten